Ik ben mijn kind verloren, mijn baan kwijtgeraakt, en uiteindelijk mezelf. Verlieskundige, dat ben ik. Gepokt en gemazeld verlieskundige, en vooral door ervaring rijk geworden. Door verlies te ervaren, toe te laten, te doorleven terwijl ik doorging met leven.

Dat ging niet altijd even makkelijk. Een kind verliezen is in orde van grootte wel het ergste dat me is overkomen. Ook het eerste verlies in mijn leven waar ik me niet zo goed raad mee wist. Na 42 weken zwangerschap en 17 uur bevallen werd er met een spoedkeizersnee ons eerste kind geboren. Hij was 56 cm. lang, bijna 8 pond zwaar en prachtig mooi om te zien! Hij huilde niet, bewoog niet en ademde niet. Vanaf dat moment is mijn leven voorgoed veranderd. Het woord ‘onbevangen’ werd volledig uit mijn woordenboek gewist. Het mannetje overleefde zijn eigen geboorte en werd opgenomen op de intensive care voor baby’s. Daar konden we bij hem zijn, zo veel als mogelijk. Als ons kereltje huilde, was dat met tranen maar zonder geluid. 24 Dagen lang mocht ik genieten van het kind dat mij mama gemaakt heeft. 24 dagen leefden we in spanning, want niemand wist wat hem mankeerde. Maar wat er ook geprobeerd werd, hij ging niet zelfstandig ademen en bewegen deed hij alleen met zijn vingertopjes en ogen. De boodschap dat zijn situatie niet met het leven verenigbaar was, sneed recht door mijn ziel. De avond voor zijn overlijden mochten we hem voor het eerst in bad doen, en door zijn gewichtloosheid kon hij voor het eerst zijn armen en benen bewegen. Die avond staat in mijn geheugen gegrift als de mooiste en intiemste avond van mijn hele leven.

De rollercoaster eindigde toen zijn uitzichtloze leventje beëindigd werd door de artsen. Eindelijk konden we naar huis, maar met een overleden kindje. Verdoofd, verlamd, verslagen. Dit was niet zoals het hoort te gaan. Het was stil in huis, want ondanks dat ik hem tijdens week 26 van de zwangerschap voor het laatst gevoeld heb, hadden we nooit gedacht aan dit scenario. Thuis kwamen de muren kwamen op ons af. Lege handen, ons kind in een grafje, een paar straten verderop. Op ‘vakantie’ aan zee vonden we rust. Een half jaar later pas wisten we eindelijk dat ons kind aan een ernstige spierziekte geleden had. En dat ik drager was. Nog eens twee maanden later heb ik afscheid genomen van mijn twee beste vriendinnen, nadat ik van één van hen de vraag kreeg ‘ben je er nog steeds mee bezig?’. De jaren die volgden waren pittig. Onze wereld was nog maar klein. Maar we waren samen, en hielden hoop en vertrouwen. Vijf jaar en vijf zwangerschappen later waren er twee gezonde kinderen. Ons gezin was compleet.

Het verliezen van mijn werk, negen jaar later, was een gewaarwording van een heel andere orde. Na drie jaar reorganisatie kwam de pijnlijke boodschap. Ofschoon ik voldoende tijd had gehad zelf de regie in handen te nemen, heb ik me overgeleverd aan het lot en aan mijn hoop te mogen blijven. Ik was vervlochten met mijn baan en identificeerde me met het werk dat ik deed. Nadat ik te horen had gekregen dat ik kon vertrekken, kreeg ik de vraag of ik nog even een reorganisatieplan voor een andere afdeling wilde schrijven, om vervolgens definitief boventallig te worden. Dit was de druppel. Ik voelde me zo afgedankt. En onzeker. Ik had beter mijn best moeten doen. Ik had gefaald. Ik was ka-pot. Mijn vermoeidheid weet ik aan bloedarmoede en zwaar ijzertekort, maar, zo bleek later, ik had een fikse burn-out. Naast mijn werk verloor ik nu ook mezelf. Ik was tot niets meer in staat. Er niet meer toe doen, niet meer mee mogen doen, en dat terwijl ik zo loyaal en toegewijd was geweest. Ik voelde me zo diep ongelukkig, zeker wanneer ik op het schoolplein toekeek hoe iedereen haastig op hoge hakken de benen nam, op weg naar hun werk.

Door mijn verlieservaringen ben ik echt rock bottom geweest. Gelukkig heb ik ook de weg terug omhoog ontdekt. Ik ben tot inzicht gekomen en heb mijn verliezen kunnen ombuigen naar winst. Door toe te geven aan me rot te voelen, maar ook door aan de slag te gaan met rouwen. Onder andere door fysiek in beweging te komen. Door te wandelen met hond Freek. Hij trok me vooruit, maar hey, ik liep. Elke dag. Uren lang. Maar ook door rouwarbeid te verrichten en zo gehoor te geven aan zich aan mij opdringend verlies. En door dit af te wisselen met aandacht voor veranderingen, afleiding, nieuwe dingen ondernemen. En door te gaan met leven. Door aan mijn verliezen betekenis te geven, ze te accepteren en vooral dankbaar te zijn dat ik zo intens mocht voelen.

Nu begeleid ik zelf bij verlies. Op mijn geheel eigen, authentieke wijze. Ik herken en erken. Ik raak en kraak de gevoelige snaar. Bewust, want daar waar het schuurt moet je wezen. Ik ga tot de kern en schuw geen emoties. Ik zoek ze op en laat ervaren hoe ze helpend kunnen zijn. Ik stel me kwetsbaar op en zet mezelf in als instrument.

Als Limburgse ben ik gek op vlaai en gezelligheid. Als echtgenote van een Fries ben ik gewend aan duidelijke taal. Wonend in Brabant geniet ik van bos & heide. Maar als het even kan ben ik aan zee. Aan zee voel ik me verbonden met alles wat ik heb, en vooral met mijn overleden zoon. De zee maakt me inclusief. Aan zee voel ik mijn verlies en ken ik mijn verlangen.

Door de pijn van het verdriet te kennen, weet ik hoe groot de kracht van verlangen is.

Meer weten over April Coaching, klik hier!